Vrijdag 15 februari.
De afstand van Sidi Ifni naar Tiznit is een kleine 80 kilometer.
We nemen deels dezelfde weg naar het noorden, de R 104 , als waar we heen langs zijn gekomen.
Geen probleem dat het slechts een korte rit is; we zijn er ons van bewust dat, willen we op volle campings zoals Camping International Tiznit, een plaatsje krijgen, we het beste in de ochtend bijtijds kunnen arriveren.
Waar het eergisteren nog half bewolkt was, hebben we nu slechts een flinterdunne sluierbewolking. Dus is de zon volledig aanwezig en hebben we een prima zicht.
Na Mirleft en Gourizim (let op het heerlijke zandstrandje in een kleine baai) nemen we nu de route binnendoor naar Tiznit via de R 104 die we heen hebben gemist.
Ongelofelijk, wat een mooie natuur!
Wat geaccendenteerder dan de kustroute, maar weer die halfbolvormige struiken, in allerlei kleuren groen en veel gevulder dan langs de kust, nu afgewisseld met arganiabomen en complete vlaktes met cactussen.
Sommige heuvels (of zijn het kleine bergen) zien er uit als reusachtige broccoli,s, maar oh zoveel mooier.
10 Kilometer van Tiznit komen we, na een paar haarspedbochten in de afdaling, in een dal.
We rijden nu weer de vlakte rond Tiznit binnen.
We komen via een brede toegangsweg met palmen uit op de muur van de medina.
We rijden rechts om de medina heen en komen zo uit bij de camping.
Bij de slagboom zien we dat het al weer mudvol is, maar we weten dat we maar eens goed moeten gaan kijken.
En Fransman probeert ons nog even op het terrein te passeren; ook hij weet blijkbaar dat de plekjes schaars zijn!
Na kort kennisgemaakt te hebben met een Nederlands echtpaar, de enigen op de camping met honderden campers, weten we achteraan een plekje te vinden.
Alleen hurktoiletten, ook nog 100 meter verderop. Maar....... die worden weinig gebruikt (bijna iedereen doet het in de camper); des te beter, want wij zijn er inmiddels wel aan gewend.
We moeten die middag uren wachten voordat men de stroom komt aansluiten. Ik probeer de betreffende man uit te leggen in mijn beste Frans dat hij zich hierdoor niet goed weet te onderscheiden van andere campings. Hij wordt vervolgens bloedchagrijnig.
In de namioddag ging Carla nog even naar hem toe en....... het werd snel geregeld!
Het mannetje kwam zelfs aanzetten op onze vouwfiets die hij van Carla had geleend.
Hij riep naar mij, wijzend naar zijn oog, kijken, kijken, stroom.
Het leek een tikkie sarcastisch, maar we houden het er maar op dat hij het goed bedoelde!
,s Middags ( rond twee uur) gaan we even wandelen in het stadje. Er blijkt erg veel gesloten, maar dat kan ook komen vanwege het vrijdaggebed.
We gaan het morgen nog maar opnieuw proberen!
In de middag loopt de temperatuur op naar 28°. Tjonge, wat is het veel warmer dan vorig jaar dezelfde periode!
Zaterdag 16 februari.
,s Morgens laten we Marokkaanse dames onze was doen. Dat zou goedkoop zijn, maar dat blijkt achteraf toch 5 euro te kosten.
Ze gebruiken onze spullen (bakjes, veel teveel zeep) en staan in de washokken bij de koudwaterkranen.
Na centrifugeren ( die hebben we bij ons) hangen we het maar zelf op, al willen de dames dat voor ons doen.
Het is weer lekker warm, wel wat bewolkt, maar de was is een uurtje later al droog.
Het stadje blijkt tussen de middag weer deels gesloten.
Dus gaan we eerst maar weer even internetten. Straks wil Carla nog even naar de bijouteriezaakjes, hier vlak bij.
Dan nog even wat door Tiznit struinen (erg gezellig), wat groente kopen bij de soeks (shopjes,goedkoper dan de supermarkt) en een terrasje pikken.
Veel straatjes zijn opengebroken (gebeurt nog met houwelen ) en worden opnieuw bestraat.
Sidi Ifni
Woensdag 13 februari
Keurig volgens de planning gaat de rit nu naar Sidi Ifni.
Dat wordt dan het zuidelijkste puntje van onze route, omdat we inmiddels besloten hebben niet door te gaan naar Guelmim (kamelenmarkt op de zaterdag) en Abeino (thermale bronnen, ook op die route).
We willen vanuit Sidi Ifni iets eerder naar Tiznit, een van de prettigste doelen op onze reis.
We nemen afscheid van onze Nederlandse vrienden op Atlantica Park en wisselen adressen uit.
De rit naar Sidi Ifni omvat exact 200 kilometer. We komen daar om 13.00 uur aan.
Als we weer door Agadir komen stellen we vast dat die stad weliswaar zeer ruim is opgezet, een prachtig strand heeft met wuivende palmen, maar we missen er een echt stadscentrum.
De plaatsjes achter Agadir, zoals Inezgane en Ai Melloul, zijn gezelliger en echt Marokkaans.
Een bezoekje waard zou ik zeggen! Misschien de volgende keer.
Als we die plaatsen zijn gepasseerd wordt het landschap alsmaar zandiger; we naderen dus de woestijngebieden en als we dan groene stukken zien stellen we ons voor dat dit al oases zijn!
We zien weer veel akkers, omdat het land vlakker is.
Later zouden we ons realiseren dat dit deel van onze reis de minst mooie uitzichten zou bieden.
In Tiznit zoeken we de route die ons via de R104 moet voeren naar Sidi Ifni. We komen echter op een weg die een 15-tal kilometers naar het noord-westen voert.
Maar die leidt uiteindelijk ook naar de kust bij Sidi Moussa d'Aglou. Daar zien we een camping met uitzicht hoog over de golven van de Atlantische Oceaan die niet in onze gegevens is vermeld.
We volgen de kustweg.
Soms betrekkelijk dicht langs het water, dan weer wat hoger door de heuvels.
Lage begroeiing, halfbolvormige struiken. Het lijkt alsof het is aangelegd, maar moeder natuur zal het wel zelf hebben ontworpen.
Ook zien we nog eens duidelijk hoeveel land er door het regenwater is weggespoeld of weggewaaid; erosie is een van de grote problemen van Marokko!
Uiteindelijk komen we op de R104 uit.
Als we Sidi Ifni naderen zien we een mooie minaret, op een prominente plaats, ons al op afstand uitnodigen.
Na een buitenwijk komen we in een afdaling. Juist als zich een klimmende weg aandient richting het centrum zien we aan onze rechter hand een bord richting de beide campings aan het strand.
Er zijn daar twee campings, Camping Sidi Ifni en El Barco.
We nemen de eerste, omdat we weten dat die verzorgder sanitair heeft.
De camping is vooral bezet door Fransen (70%); dan zo'n 20% Duitsers, verder Italianen en Engelsen. Geen Nederlanders. Die blijken later op de beide andere campings te zitten, want die komen we tegen tijdens ons stadsbezoek.
's Middags een wandeling gemaakt over de boulevard. Die ligt een meter of 40 boven zeeniveau, het uitzicht is prachtig.
's Avonds valt de stroom weer eens uit tot de volgende morgen. De ijskast maar weer op gas.
Alles blijft gewoon functioneren, dus ik heb PSV nog zien winnen van Helsingborg.
Om 21.00 uur hebben we voor het eerst een wat serieuze regenbui.
In diezelfde bui komt een Fransman met zijn camper werkelijk aanscheuren, alsof hij vlucht voor de bui. Hij wil zijn camper naast de onze poten.
Rijdt die wildebras bijna over een paar ijzeren haringen van mijn luifel; die zijn sterker dan een doorsnee camperband.
Ik wil ze uit de grond trekken en regen zijknat. En die Fransen nemen nog niet eens de moeite om uit te stappen!
De volgende morgen vertrokken ze overigens weer, nadat ik het ze nog allemaal even had uitgelegd.
Misschien wat geleerd? Dat weet je niet, het zijn immers Fransen!
Donderdag 14 februari. (Valentijn! Kusjes voor iedereen)
We wandelen door Sidi Ifni.
Een voormalige Spaanse enclave, met wit-blauwe huizen.
Breed van opzet, ruimte genoeg om bijvoorbeeld met een camper in rond te rijden en te bezichtigen. Er zijn er dan ook die dat doen.
Het weer is nog weer beter dan gisteren. Toen was het nog wat bewolkt, maar nu is ie stralend blauw!
We bezoeken de soeks (opgelet, die zijn a.h.w. ingebouwd tussen een paar straten in het centrum. Even moeite doen om de ingang te vinden!) en we doen wat inkopen.
Vlak bij het centrum lopen we over de Camping Municipal. Volgens ons de minste van de drie campings!
Vanaf de boulevard kijken we op de prachtige, langgerekte camping El Barco.
Naast die camping loopt een even lang betegeld wandelpad; een eigen boulevard langs de zee.
Keurig volgens de planning gaat de rit nu naar Sidi Ifni.
Dat wordt dan het zuidelijkste puntje van onze route, omdat we inmiddels besloten hebben niet door te gaan naar Guelmim (kamelenmarkt op de zaterdag) en Abeino (thermale bronnen, ook op die route).
We willen vanuit Sidi Ifni iets eerder naar Tiznit, een van de prettigste doelen op onze reis.
We nemen afscheid van onze Nederlandse vrienden op Atlantica Park en wisselen adressen uit.
De rit naar Sidi Ifni omvat exact 200 kilometer. We komen daar om 13.00 uur aan.
Als we weer door Agadir komen stellen we vast dat die stad weliswaar zeer ruim is opgezet, een prachtig strand heeft met wuivende palmen, maar we missen er een echt stadscentrum.
De plaatsjes achter Agadir, zoals Inezgane en Ai Melloul, zijn gezelliger en echt Marokkaans.
Een bezoekje waard zou ik zeggen! Misschien de volgende keer.
Als we die plaatsen zijn gepasseerd wordt het landschap alsmaar zandiger; we naderen dus de woestijngebieden en als we dan groene stukken zien stellen we ons voor dat dit al oases zijn!
We zien weer veel akkers, omdat het land vlakker is.
Later zouden we ons realiseren dat dit deel van onze reis de minst mooie uitzichten zou bieden.
In Tiznit zoeken we de route die ons via de R104 moet voeren naar Sidi Ifni. We komen echter op een weg die een 15-tal kilometers naar het noord-westen voert.
Maar die leidt uiteindelijk ook naar de kust bij Sidi Moussa d'Aglou. Daar zien we een camping met uitzicht hoog over de golven van de Atlantische Oceaan die niet in onze gegevens is vermeld.
We volgen de kustweg.
Soms betrekkelijk dicht langs het water, dan weer wat hoger door de heuvels.
Lage begroeiing, halfbolvormige struiken. Het lijkt alsof het is aangelegd, maar moeder natuur zal het wel zelf hebben ontworpen.
Ook zien we nog eens duidelijk hoeveel land er door het regenwater is weggespoeld of weggewaaid; erosie is een van de grote problemen van Marokko!
Uiteindelijk komen we op de R104 uit.
Als we Sidi Ifni naderen zien we een mooie minaret, op een prominente plaats, ons al op afstand uitnodigen.
Na een buitenwijk komen we in een afdaling. Juist als zich een klimmende weg aandient richting het centrum zien we aan onze rechter hand een bord richting de beide campings aan het strand.
Er zijn daar twee campings, Camping Sidi Ifni en El Barco.
We nemen de eerste, omdat we weten dat die verzorgder sanitair heeft.
De camping is vooral bezet door Fransen (70%); dan zo'n 20% Duitsers, verder Italianen en Engelsen. Geen Nederlanders. Die blijken later op de beide andere campings te zitten, want die komen we tegen tijdens ons stadsbezoek.
's Middags een wandeling gemaakt over de boulevard. Die ligt een meter of 40 boven zeeniveau, het uitzicht is prachtig.
's Avonds valt de stroom weer eens uit tot de volgende morgen. De ijskast maar weer op gas.
Alles blijft gewoon functioneren, dus ik heb PSV nog zien winnen van Helsingborg.
Om 21.00 uur hebben we voor het eerst een wat serieuze regenbui.
In diezelfde bui komt een Fransman met zijn camper werkelijk aanscheuren, alsof hij vlucht voor de bui. Hij wil zijn camper naast de onze poten.
Rijdt die wildebras bijna over een paar ijzeren haringen van mijn luifel; die zijn sterker dan een doorsnee camperband.
Ik wil ze uit de grond trekken en regen zijknat. En die Fransen nemen nog niet eens de moeite om uit te stappen!
De volgende morgen vertrokken ze overigens weer, nadat ik het ze nog allemaal even had uitgelegd.
Misschien wat geleerd? Dat weet je niet, het zijn immers Fransen!
Donderdag 14 februari. (Valentijn! Kusjes voor iedereen)
We wandelen door Sidi Ifni.
Een voormalige Spaanse enclave, met wit-blauwe huizen.
Breed van opzet, ruimte genoeg om bijvoorbeeld met een camper in rond te rijden en te bezichtigen. Er zijn er dan ook die dat doen.
Het weer is nog weer beter dan gisteren. Toen was het nog wat bewolkt, maar nu is ie stralend blauw!
We bezoeken de soeks (opgelet, die zijn a.h.w. ingebouwd tussen een paar straten in het centrum. Even moeite doen om de ingang te vinden!) en we doen wat inkopen.
Vlak bij het centrum lopen we over de Camping Municipal. Volgens ons de minste van de drie campings!
Vanaf de boulevard kijken we op de prachtige, langgerekte camping El Barco.
Naast die camping loopt een even lang betegeld wandelpad; een eigen boulevard langs de zee.
Dagje Agadir
Dinsdag 12 februari.
Zondag nog even het dakluik gecontroleerd en provisorisch wat gerepareerd.
Gelukkig is alleen de binnenste laag van het dubbele ruitje kapot, dus geen risico dat het gaat inregenen.
Als het gaat regenen natuurlijk, want behalve dat ene secondenbuitje hebben we nog echt niets op onze pet gekregen.
Misschien komende donderdag, want dat is voorspeld volgens http://www.weeronline.nl/.
Daarom hebben we besloten woensdag door te gaan naar Sidi Ifni, enkele honderden kilometers zuidelijker, al aardig dicht bij de westelijke Sahara. Dat is een gebied dat ooit door Marokko is geannexeerd, maar door de internationale gemeenschap nog niet als Marokkaans gebied wordt erkend.
Gisteren zijn we dan eindelijk naar Agadir geweest.
Deze keer met de camper, vorig jaar nog een paar keer met de bus.
Een rit van 25 kilometer.
We komen onder meer door het plaatsje Taghazoute, 6 kilometer van onze camping.
Dit is een paradijs voor surfers, die zich dan ook op bepaalde delen van de stranden in groten getale laten zien.
In de zestiger jaren schijnt dit nog een paradijs voor hippies te zijn geweest.
De bijnaam voor het plaatsje is "Bananendorp". Er worden niet alleen bananen gekweekt; de bijnaam schijnt in een periode te zijn ontstaan dat ook Jimi Hendrikx zich nog wel eens hier liet zien.
Als je Agadir binnenrijdt heb je zicht op de haven aan je rechterhand en links op de kasba, hoog gelegen op een heuvel van 236 meter. Beide eigenlijk nog buiten de stad.
Rondom de haven, van waaruit ook veel export van citrusvruchten, veel visverwerkende bedrijven.
De iets verder gelegen vissershaven is de tweede sardinehaven van Marokko.
Agadir is in 1960 verwoest door een aardbeving.
Dat is te herkennen aan de stad.
Hele brede wegen, veel (relatieve) nieuwbouw. Je kunt er gemakkelijk met de camper in en doorheen.
Het is na Marrakech de tweede toeristenstad van het land. Natuurlijk ook vanwege het heerlijke klimaat en het beste strand van Marokko!
Aan de zuidkant bouwt men een medina (oude stad) in oude stijl.
Vorig jaar konden we hier nog winkelen, maar nu is men druk bezig met bouwwerkzaamheden en is het winkelend publiek aangewezen op de vele kraampjes tegenover de medina, te herkennen aan de hoeveelheden plastic die men gebruikt om zich tegen stof en (eventueel) hemelwater te beschermen. (Later gehoord dat de medina maandags dicht is!)
We slaan boodschappen in bij de hypermarkt Marjane, gevestigd in diverse grote plaatsen in het land.
Je kunt deze winkels het beste vergelijken met de Carrefours in Frankrijk.
Men heeft veel op gebied van food als non-food. Het is volstrekt geen plek waar de gewone Marokkaan zijn inkopen doet. Het zijn vooral toeristen.
We moeten weer ervaren dat vooral vlees/broodbeleg erg duur is.
Dus kopen we maar weer veel aardbeien, die zijn goedkoop en heerlijk, dus ze gaan er als koek in!
Zondag bij onze camper geborreld met Bep en Charles uit Friesland. Vanmiddag nog even naar een ander Brabants stel, Willem en Irmgard (ja, ondanks de naam is het een echte Brabantse!).
Dit soort contacten is typerend voor een overwinteringscamping.
In de komende dagen zal dat anders zijn, omdat we dan steeds korter op een camping zullen verblijven dan op Atlantica Park.
Zondag nog even het dakluik gecontroleerd en provisorisch wat gerepareerd.
Gelukkig is alleen de binnenste laag van het dubbele ruitje kapot, dus geen risico dat het gaat inregenen.
Als het gaat regenen natuurlijk, want behalve dat ene secondenbuitje hebben we nog echt niets op onze pet gekregen.
Misschien komende donderdag, want dat is voorspeld volgens http://www.weeronline.nl/.
Daarom hebben we besloten woensdag door te gaan naar Sidi Ifni, enkele honderden kilometers zuidelijker, al aardig dicht bij de westelijke Sahara. Dat is een gebied dat ooit door Marokko is geannexeerd, maar door de internationale gemeenschap nog niet als Marokkaans gebied wordt erkend.
Gisteren zijn we dan eindelijk naar Agadir geweest.
Deze keer met de camper, vorig jaar nog een paar keer met de bus.
Een rit van 25 kilometer.
We komen onder meer door het plaatsje Taghazoute, 6 kilometer van onze camping.
Dit is een paradijs voor surfers, die zich dan ook op bepaalde delen van de stranden in groten getale laten zien.
In de zestiger jaren schijnt dit nog een paradijs voor hippies te zijn geweest.
De bijnaam voor het plaatsje is "Bananendorp". Er worden niet alleen bananen gekweekt; de bijnaam schijnt in een periode te zijn ontstaan dat ook Jimi Hendrikx zich nog wel eens hier liet zien.
Als je Agadir binnenrijdt heb je zicht op de haven aan je rechterhand en links op de kasba, hoog gelegen op een heuvel van 236 meter. Beide eigenlijk nog buiten de stad.
Rondom de haven, van waaruit ook veel export van citrusvruchten, veel visverwerkende bedrijven.
De iets verder gelegen vissershaven is de tweede sardinehaven van Marokko.
Agadir is in 1960 verwoest door een aardbeving.
Dat is te herkennen aan de stad.
Hele brede wegen, veel (relatieve) nieuwbouw. Je kunt er gemakkelijk met de camper in en doorheen.
Het is na Marrakech de tweede toeristenstad van het land. Natuurlijk ook vanwege het heerlijke klimaat en het beste strand van Marokko!
Aan de zuidkant bouwt men een medina (oude stad) in oude stijl.
Vorig jaar konden we hier nog winkelen, maar nu is men druk bezig met bouwwerkzaamheden en is het winkelend publiek aangewezen op de vele kraampjes tegenover de medina, te herkennen aan de hoeveelheden plastic die men gebruikt om zich tegen stof en (eventueel) hemelwater te beschermen. (Later gehoord dat de medina maandags dicht is!)
We slaan boodschappen in bij de hypermarkt Marjane, gevestigd in diverse grote plaatsen in het land.
Je kunt deze winkels het beste vergelijken met de Carrefours in Frankrijk.
Men heeft veel op gebied van food als non-food. Het is volstrekt geen plek waar de gewone Marokkaan zijn inkopen doet. Het zijn vooral toeristen.
We moeten weer ervaren dat vooral vlees/broodbeleg erg duur is.
Dus kopen we maar weer veel aardbeien, die zijn goedkoop en heerlijk, dus ze gaan er als koek in!
Zondag bij onze camper geborreld met Bep en Charles uit Friesland. Vanmiddag nog even naar een ander Brabants stel, Willem en Irmgard (ja, ondanks de naam is het een echte Brabantse!).
Dit soort contacten is typerend voor een overwinteringscamping.
In de komende dagen zal dat anders zijn, omdat we dan steeds korter op een camping zullen verblijven dan op Atlantica Park.
Op de overwinteringscamping
Zondag 10 februari.
We zitten nog steeds op camping Atlantica Park.
Dat is nou een echte overwinteringscamping. Er staan hier mensen vanaf september vorig jaar. Ik denk dat we voor 70% met Fransen te maken hebben, dan nog 30% Duitsers. De rest Engelsen, Nederlanders, Scandinaviërs, Italianen, Belgen, Spanjaarden, misschien een beetje in die volgorde, maar zeker is dat niet. Maar in tegenstelling tot Europese landen en ook ver daarbuiten spelen wij, Nederlanders, hier een ondergeschikte rol. En dat is op zijn zachtst gezegd onbegrijpelijk, gezien hetgeen Marokko te bieden heeft. Je leert onze mede-Europeanen overigens wel aardig kennen. Mijn voordoordelen worden doorlopend gevoed, zij het dat ik ze ten opzichte van onze Oosterburen zo langzamerhand maar intrek.
Immers: Duitsers zeggen bijna altijd vriendelijk goedendag. Fransen niet. Je mag blij zijn als ze je aankijken. Eventuele Francofielen onder de lezers mogen protest aantekenen, hoor!
Naast mij staat een Deen waarvan ik niet zeker weet of die kan praten of zelfs stemgeluid heeft!
Overigens hebben we de afgelopen dagen wat problemen gehad met het weer. Uitgerekend nu jullie het in Nederland beter hebben! Van vrijdag op zaterdagnacht heeft het gigantisch gewaaid en dat ging gepaard met opstuivend zand. De wind schijnt uit de richting van de Sahara te komen, in ons geval is dat oostelijk.We zitten hier tussen twee bergruggen die keurig west-oost door moeder natuur zijn neergelegd. Een soort trekgat kun je zeggen. Gistermiddag om 14.00 uur werd het plots windstil. Dan zie je de luifeltjes weer worden uitgezet en komen de jeu de boulers tevoorschijn. Maar........ 's nachts om 24.00 uur begon het gelazer weer! Maar nu zette diezelfde moeder natuur er nog een tandje bij!
De camper stond te schudden als een gek, alles maakte geluid. Carla liet fluks de satellietschotel inklappen en het dakraam boven haar bed, achterin de camper. Helaas..... ik wilde het bewust riskeren, maar het middelste dakraam stond nog open en is redelijk gecrasht. De temperatuur was zowel binnen als buiten een graad of 27, dus een beetje "frisse" lucht was welkom. Ik moet nog gaan controleren of het luik waterdicht is gebleven, anders hebben we een echt probleem en moeten we zien dat we de zaak provisorisch gerepareerd krijgen. Maar het waait nu (11.15 uur Marokkaanse tijd) nog hard; eerst maar eens afwachten tot de zaak gaat luwen.
Omdat het weer wat tegenzat (we hadden ook nog een regenbui van zegge en schrijven een minuut gisteravond, was n.b.voorspeld!) hebben we het niet aangedurfd naar Agadir te gaan. Dan gaan we pas doen op een moment dat het weer zich in positieve zin ontwikkelt. Ik zei vanochtend nog tegen Carla:
" Meid, wat ben je al lekker bruin!"Ze reageerde met de opmerking: "Ik weet alleen niet of het komt door de zon, of omdat ik gezandstraald ben".
Volgens mij kun je niet bruin worden van zandstralen, toch?
We zitten nog steeds op camping Atlantica Park.
Dat is nou een echte overwinteringscamping. Er staan hier mensen vanaf september vorig jaar. Ik denk dat we voor 70% met Fransen te maken hebben, dan nog 30% Duitsers. De rest Engelsen, Nederlanders, Scandinaviërs, Italianen, Belgen, Spanjaarden, misschien een beetje in die volgorde, maar zeker is dat niet. Maar in tegenstelling tot Europese landen en ook ver daarbuiten spelen wij, Nederlanders, hier een ondergeschikte rol. En dat is op zijn zachtst gezegd onbegrijpelijk, gezien hetgeen Marokko te bieden heeft. Je leert onze mede-Europeanen overigens wel aardig kennen. Mijn voordoordelen worden doorlopend gevoed, zij het dat ik ze ten opzichte van onze Oosterburen zo langzamerhand maar intrek.
Immers: Duitsers zeggen bijna altijd vriendelijk goedendag. Fransen niet. Je mag blij zijn als ze je aankijken. Eventuele Francofielen onder de lezers mogen protest aantekenen, hoor!
Naast mij staat een Deen waarvan ik niet zeker weet of die kan praten of zelfs stemgeluid heeft!
Overigens hebben we de afgelopen dagen wat problemen gehad met het weer. Uitgerekend nu jullie het in Nederland beter hebben! Van vrijdag op zaterdagnacht heeft het gigantisch gewaaid en dat ging gepaard met opstuivend zand. De wind schijnt uit de richting van de Sahara te komen, in ons geval is dat oostelijk.We zitten hier tussen twee bergruggen die keurig west-oost door moeder natuur zijn neergelegd. Een soort trekgat kun je zeggen. Gistermiddag om 14.00 uur werd het plots windstil. Dan zie je de luifeltjes weer worden uitgezet en komen de jeu de boulers tevoorschijn. Maar........ 's nachts om 24.00 uur begon het gelazer weer! Maar nu zette diezelfde moeder natuur er nog een tandje bij!
De camper stond te schudden als een gek, alles maakte geluid. Carla liet fluks de satellietschotel inklappen en het dakraam boven haar bed, achterin de camper. Helaas..... ik wilde het bewust riskeren, maar het middelste dakraam stond nog open en is redelijk gecrasht. De temperatuur was zowel binnen als buiten een graad of 27, dus een beetje "frisse" lucht was welkom. Ik moet nog gaan controleren of het luik waterdicht is gebleven, anders hebben we een echt probleem en moeten we zien dat we de zaak provisorisch gerepareerd krijgen. Maar het waait nu (11.15 uur Marokkaanse tijd) nog hard; eerst maar eens afwachten tot de zaak gaat luwen.
Omdat het weer wat tegenzat (we hadden ook nog een regenbui van zegge en schrijven een minuut gisteravond, was n.b.voorspeld!) hebben we het niet aangedurfd naar Agadir te gaan. Dan gaan we pas doen op een moment dat het weer zich in positieve zin ontwikkelt. Ik zei vanochtend nog tegen Carla:
" Meid, wat ben je al lekker bruin!"Ze reageerde met de opmerking: "Ik weet alleen niet of het komt door de zon, of omdat ik gezandstraald ben".
Volgens mij kun je niet bruin worden van zandstralen, toch?
Abonneren op:
Reacties (Atom)